Studievaardigheden6 min lezen
Mindmap maken: zo zie je verbanden in de stof
Door de redactie van Onderwijsbouwen · gepubliceerd op · bijgewerkt op
In het kort
Een mindmap maak je zelf: zet het hoofdonderwerp in het midden, werk naar buiten met korte woorden en schrijf bij elke pijl welk verband je bedoelt. Dek de mindmap daarna af en teken hem uit je hoofd na. Voor woordjes en jaartallen werkt overhoren beter.
Sommige stof is een wirwar van begrippen die met elkaar samenhangen: oorzaken en gevolgen, processen, indelingen. Zulke stof onthoud je slecht als losse feiten, maar goed als je het verband ziet. Daar zijn schema's en mindmaps voor gemaakt.
Waarom het werkt
Een mindmap of schema dwingt je keuzes te maken: wat is het hoofdonderwerp, wat hangt daaraan vast, en hoe verhouden de delen zich tot elkaar? Juist dat ordenen zorgt dat je de stof begrijpt. Het beeld dat je maakt, geeft je later bovendien een kapstok om de details aan op te hangen.
Maak hem zelf, dat is het punt
- Teken zelf, ook al is het rommelig. Een kant-en-klaar schema overnemen levert weinig op.
- Zet het hoofdonderwerp in het midden en werk naar buiten met vertakkingen.
- Gebruik korte woorden en pijlen die het verband aangeven, geen hele zinnen.
- Dek je schema daarna af en probeer het uit je hoofd na te tekenen. Dat ophalen zet het vast.
Niet voor alles
Een mindmap is sterk voor samenhangende stof, maar minder handig voor dingen die je gewoon uit je hoofd moet kennen, zoals woordjes of jaartallen. Daar werkt overhoren beter. Kies de techniek die bij de stof past, in plaats van overal hetzelfde op los te laten.
Maak het verband expliciet
Een verzameling gekleurde takken is nog geen model van de stof. Schrijf daarom op iedere pijl welk verband je bedoelt: veroorzaakt, bestaat uit, is een voorbeeld van, volgt op of staat tegenover. Als je geen werkwoord bij een pijl kunt zetten, is het verband waarschijnlijk nog niet helder genoeg.
- Begin met maximaal vijf hoofdbegrippen uit één hoofdstuk.
- Verbind nieuwe begrippen met iets dat je al kent en benoem die relatie.
- Gebruik kruisverbindingen tussen takken wanneer twee onderdelen elkaar beïnvloeden.
- Controleer je kaart met het boek en herstel alleen aantoonbare gaten of verkeerde relaties.
Van schema naar toetsvraag
Sluit af met ophalen: dek je schema af, teken de hoofdlijnen opnieuw en leg één route hardop uit. Maak daarna een vraag bij een verbinding, bijvoorbeeld ‘waardoor leidt A tot B?’ Een conceptmap helpt vooral bij samenhang; de toets of je geleerd hebt, blijft of je die samenhang zonder voorbeeld kunt reconstrueren en toepassen.
Kies de vorm bij je doel. Een tijdlijn past bij volgorde en verandering, een tabel bij vergelijken, een stroomdiagram bij een proces en een conceptmap bij meerdere onderlinge relaties. Begin dus niet automatisch met een wolk in het midden. Vraag eerst welke structuur in de stof zit en kies daarna het kleinste schema dat die structuur eerlijk laat zien.
Bronnen
De redactie baseert de adviezen op deze onderzoeken en gezaghebbende bronnen. De praktische uitwerking en de voorbeelden zijn van de redactie. Dit artikel is algemene informatie, geen persoonlijk advies.
- Learning With Concept and Knowledge Maps: A Meta-Analysis (opent in een nieuw tabblad)Review of Educational Research
- Improving Students’ Learning With Effective Learning Techniques (opent in een nieuw tabblad)Association for Psychological Science
Lees ook
Studievaardigheden
Samenvatting maken die blijft hangen
Talen
Woordjes leren die blijven zitten
Studievaardigheden
Uitstelgedrag de baas: zo begin je toch
Dit artikel hoort bij de gids Beter leren: zeven studietechnieken. Terug naar het overzicht van alle artikelen over leren.
Je volgende stap
Meer studietechnieken op één plek
In de gids beter leren staan zeven technieken, simpel uitgelegd en met bronnen. Kies er één en probeer hem deze week.